Projecten in de onderbouw
Je werkt in bijna alle klassen wel eens aan een project. Soms is het een project alleen bij een bepaald vak, soms is het met meerdere vakken samen en soms heeft een project niet zoveel met een schoolvak te maken maar meer met iets uit de samenleving. Tijdens alle projecten komen steeds dezelfde doelen terug o.a. samenwerken, zelfstandig werken, onderzoek doen, verantwoordelijkheid dragen. Kijk voor speciale uitleg over een project waar jij aan gaat werken in het projectboek, je moet dat ook goed invullen want het wordt beoordeeld.
Eerste klas
In de eerste klas willen we de basis leggen voor het werken aan projecten. We doen dit door een aantal samenwerkingsopdrachten te laten maken door jullie. Een van de eerste samenwerkingsopdrachten is het maken van een muurkrant over de eerste mens. Voor zo'n opdracht krijg je tijd in de les om er aan te werken, maar moet je ook goed kunnen plannen en afspraken met elkaar maken. Niet al het werk voor het project zal in de lessen kunnen plaatsvinden en zul je tijdens daltonuren aan de slag moeten met elkaar.
Tweede klas.
In de tweede klas heb je een project met als onderwerp "landen in ontwikkeling" Dit is een project samen met de vakken economie, nederlands en aardrijkskunde. Iedere klas onderzoekt de situatie van één specifiek land. Hiernaast vind je een link naar het land dat jij met je klas gaat onderzoeken. Na afloop is er een grote tentoonstelling waarin door jullie informatie wordt gegeven over jullie onderwerp. Er wordt dan ook geld ingezameld voor een door jullie gekozen goed doel. Het LIO-project loopt in februari en maart. De tentoonstelling is op maart. Naast deze vakprojecten heb je ook een projectweek van 20 tot 23 mei. Kijk voor meer informatie bij het onderdeel projecten.
Derde Klas.
In de derde klas worden de basisvaardigheden die je hebt opgedaan met projecten en samenwerkingsopdrachten gebruikt bij het onderwerp Staatsinrichting. Je gaat je eerste stappen zetten in je politieke carriere door een politieke partij op te richten en daarbij een campagnefilm of powerpoint te maken.
Bij het onderwerp Nederland na de Tweede Wereldoorlog ga je je interviewtechnieken in duovorm inzetten om je ouders en grootouders als informatiebron te gebruiken voor de vraag: hoe was het leven in de jaren 50 en 60 in Nederland.
Aan het eind van de derde klas moet je in staat zijn om:
- de juiste mensen op te zoeken om mee samen te werken
- zelfstandig een planning te kunnen maken waarin alle activiteiten die nodig zijn om een goed eindresultaat te halen zijn opgenomen
- een eerlijke taakverdeling te kunnen maken
- met diverse computerprogramma's presentaties te kunnen maken (powerpoint, filmpjes, wiki)
- projecten en praktische opdrachten te kunnen uitvoeren met 'Mijn Opdrachten' via de site.