Algemene info
Wat is dat dan, die Filosofie?
Filosofie heeft een beroerde reputatie; filosofen zijn vaag, nutteloos en soms ronduit vervelend. Ze stellen zinloze vragen waar ze vervolgens zelf geen antwoord op hebben en zijn dan heel blij met zichzelf en vinden jou maar dom als je hun vragen niet interessant vindt.
Deze ideeën over filosofie zijn terug te horen in het uitspraken als ‘we zitten wat te filosoferen’ als men bedoelt dat er vaag en structuurloos gepraat wordt en ‘dat is een puur filosofische vraag’, voor als het antwoord, en dus de vraag, er niet toe doet. Beiden nog verschrikkelijker dan ‘onze filosofie is…’, voor als de PR-afdeling van een bedrijf probeert uit te leggen hoe geweldig ze wel niet bezig zijn.
Een poging om een wat helderder beeld van filosofie te krijgen: filosofie is bij uitstek geen ‘vaag gepraat’. Het gaat vaak juist om begripsverheldering en de mate van abstractie eist een uiterst zorgvuldige omgang met de taal. Van filosoferen wordt je niet vager, maar scherper. Nog belangrijker is het om in te zien dat filosofie nooit onbelangrijke vragen stelt; waar het in de filosofie om te doen is is precies datgene wat iedereen aangaat, waar iedereen direct mee te maken heeft. Vergeleken met filosofische vragen is bijvoorbeeld de vraag naar de oorsprong van het leven totaal onbelangrijk.
Wat is filosofie dan? Filosoferen is afstand nemen, afstand van de vanzelfsprekendheid van jezelf en de wereld om je heen. Doorgaans ga je op in de wereld, verdwijn je, focus je op de mensen en dingen om je heen. Filosoferen is het maken van een stap uit het directe hier en nu, het opzoeken van een positie die zich onttrekt aan deze alledaagsheid, deze ‘normale’ omgang met jezelf en de dingen. Op die manier probeert de filosoof tot de kern van de zaken te komen, dwars door alle veronderstellingen heen.
Filosofie is wel een wat vreemd schoolvak; je leert vooral dingen af. Er moeten namelijk nogal wat vastgeroeste overtuigingen, ideeën en meningen afgebroken worden. Het is dan ook niet voor iedereen geschikt. De vragen die opkomen kan je niet aan een kapstok bij de deur hangen en weer oppikken in de volgende les; het zijn vragen die betrekking hebben op jou, op jezelf en de wereld om jou heen. En er zijn inderdaad meestal geen antwoorden, tenminste geen antwoorden die je niet weer kan gaan bevragen.
Concreet: de lessen bestaan voor het grootste gedeelte uit een voortdurend gesprek tussen de docent en de leerlingen. De docent heeft daarbij een informerende rol (leerlingen zullen immers flink wat moeten gaan weten van wat in die tweeënhalf duizend bij elkaar is gedacht) en een stimulerende rol, maar geen rol als alleswetende verteller: ik weet het immers niet noodzakelijk beter.
In de beginfase van je opleiding tot filosoof maken we samen dingen stuk, de vastgeroeste zooi die ik net noemde moet eraan. Daarna gaan we aan de hand van een paar Grote Vragen de filosofie ontdekken: wat moet ik doen? Wat is een mens? Wat kan ik weten? We zullen er gaandeweg achterkomen dat de vraag waarom blauwe kippen nog steeds kippen zijn of de vraag wie er bij zelfbewustzijn eigenlijk bewust is van wie geen zinloze vragen zijn…
Lees wat (bijvoorbeeld De wereld van Sofie, best leuk), val me lastig op school (ik kan wel zelf vrij lastig zijn), kom eens een les bijwonen en hou je oren gespitst bij de voorlichting.
Menno van Calcar
Filosofie op het Dalton - in het kort
- Filosofie is een eindexamenvak in het vwo.
- We beginnen in klas 4.
- We gebruiken als lesboek Het oog in de storm van Ellen Geerlings
- Het examenprogramma bestaat uit vier hoofddomeinen en een keuzedomein.
- Het eindexamenonderwerp wordt om de drie jaar (ongeveer) door de Examencommissie Filosofie gekozen uit een van de vier hoofddomeinen. Daarover verschijnt dan een eindexamencahier dat de hoofdmoot vormt van de stof van het Eindexamen Filosofie. Momenteel werken we met Rede en Religie, dat beide verschijnselen verkent, vergelijkt en tegen elkaar afzet. Vanaf 2012 is het examenthema de vrije wil.
Het eindexamen
Onderwerpen van het VWO-Eindexamen Filosofie zijn onder meer geweest:authenticiteit, demarcatie, deugdethiek. Het huidige onderwerp is Redeen Religie, een begripsverheldering en confrontatie. Vanaf 2010 zal hetthema 'vrijheid' zijn. De hoofddomeinen die steeds terugkomen zijn:
- Filosofische antropologie. Daarbij staat de vraag centraal: Wat is het wezen van de mens? Anders geformuleerd: Wat is de mens als mens? Daarbij gaan we o.a. in op het onderscheid tussen mens en dier. Een ander belangrijk onderwerp is de verhouding tussen lichaam, ziel en geest bij de mens. In het verlengde van dit thema komen we vanzelf op de vraag of de mens wel een geest heeft en wat de aard van de geest en het lichaam van de mens dan is.
- Ethiek. Ethiek is de systematische reflectie op de moraal. Centraal staat de vraag wat de leidraad van het menselijk handelen is. Is de leidraad van het menselijk handelen het streven naar geluk (het utilitarisme), plichtsbesef (ethiek van Immanuel Kant) of de menselijke voortreffelijkheid (ethiek van Aristoteles)?
- Kennistheorie. De kennistheorie onderzoekt de bron(nen) van menselijke kennis. Is de bron de waarneming (empirisme), het verstand (rationalisme) of een synthese van waarneming en verstand (transcendentalisme van Immanuel Kant)? In het verlengde van deze problematiek ligt de vraag wat waarheid is.
- wetenschapsfilosofie. Binnen dit domein houden de leerlingen zich bezig met de vraag op grond van welk criterium we een theorie wetenschappelijk kunnen noemen.
De aanpak is dus thematisch, maar binnen de verschillende thema's komende geschiedenis van de filosofie, de filosofische tradities en deafzonderlijk filosofen daarbinnen ruimschoots aan bod.