Rapportvergaderingen - Hoe gaat dat eigenlijk?
Over rapportvergaderingen zijn nog wel eens wat misverstanden. Daarom kun je hieronder lezen hoe het nu werkelijk gaat. Het is een heel verhaal, maar als je het eens echt wilt weten… hier staat het! Let op: Een aantal vragen zijn speciaal voor leerlingen van klas 1 en 2 bedoeld, maar globaal gaan alle vergaderingen op dezelfde manier.
* VOOR DE VERGADERING *
Ik heb mijn cijfers gezien. Ik stap naar mijn leraar voor vak X, en vraag of hij me toch een hoger cijfer geeft, zodat ik toch naar de vervolgklas kan die ik zo graag wil!
"Bedelen" is natuurlijk foute boel. Je mag je leraren niet onder druk zetten om een cijfer voor jou te "geven". Het zijn geen Sinterklazen of Kerstmannen die cadeautjes uitdelen aan kinderen die ze aardig vinden. Het doet een beetje denken aan iemand die de weerman opbelt of hij niet alsjeblieft 25 graden wil voorspellen voor morgen, "zodat het dan mooi weer wordt." Die weerman moet juist zorgen dat zijn thermometer goed werkt en met alle andere kennis en ervaring samen inschatten, welk weer het morgen wordt!
Mag ik vragen om een extra toets of werkstuk om mijn cijfer te verbeteren?
Nee. Je hebt net zo veel kansen als iedereen in de klas gehad om het eindresultaat te behalen. Alleen bij uitzondering mogen leerlingen toetsen herkansen. Meestal op basis van een afspraak tussen afdelingsleider/mentor en de vakdocent(en).
Maar ik mag toch wel naar een docent stappen?
Ja natuurlijk wel! Maar alleen om te vragen HOE het rapportcijfer tot stand gekomen is, niet met de bedoeling om die docent onder druk te gaan zetten. Hoe de laatste toetsen gemaakt zijn - dat hoor je na de toetsweek. Er is dan een speciaal moment waarop alle docenten de laatst gemaakte toetsen en cijfers teruggeven. Dat is de laatste gelegenheid om vragen te stellen. Je kunt je docent wel een mail sturen als dat nodig is, maar je kunt niet verwachten dat je docent elke mail van elke leerling altijd kan beantwoorden, daarvoor hebben ze te veel leerlingen en te weinig tijd.
Maar ik heb er zo mijn best op gedaan, waarom zie ik dat in het cijfer niet terug?
Je best doen is helaas niet hetzelfde als "dus" recht hebben op een mooi cijfer. Het gaat uiteindelijk om voldoende kennis, vaardigheden en inzicht. Je kunt immers ook enorm je best doen op iets (denk bijvoorbeeld aan een instrument bespelen of een bepaalde sport beoefenen) maar er toch minder talent voor hebben dan je had gedacht.
* DE RAPPORTVERGADERING *
Wat wordt er besloten in de voorbespreking?
De afdelingsleider en de mentor hebben een voorbespreking van de
rapportvergadering. Er wordt daar nog helemaal niets "besloten" over de
overgang! Er wordt wel gekeken welke cijfers een leerling op het eindrapport gehaald heeft en op welke vervolgklas dat in principe recht geeft. Ook bedenken de afdelingsleider en je mentor alvast een aantal vragen, die ze in de vergadering aan de docenten zullen stellen. Om op deze manier alle nodige informatie bij elkaar te kunnen brengen en met zijn allen een zorgvuldige beslissing te kunnen nemen.
Worden alle leerlingen besproken?
Ja. Maar er is natuurlijk maar een beperkte tijd per klas om alle leerlingen te bespreken. Er moeten immers in zo'n 35 verschillende vergaderingen ongeveer 800 leerlingen in totaal besproken worden. Daarom bekijken je mentor en de afdelingsleider in een voorbespreking over welke leerlingen waarschijnlijk langer gesproken moet worden. Dat zijn vanzelfsprekend de leerlingen die onder de overgangsnorm zitten. Of die wel aan de overgangsnorm voldoen maar lager scoren dan hun advies van de basisschool. Of bijvoorbeeld leerlingen die een deel van het jaar ziek geweest zijn, of thuis dingen meegemaakt hebben, waardoor ze er niet goed voorstaan. Aan het begin van de rapportvergadering worden de namen van deze leerlingen voor alle aanwezige docenten opgenoemd, zodat de leraren zich er op in kunnen stellen.
Wie zijn er allemaal bij de rapportvergadering aanwezig?
Alle docenten van de klas, de mentor, de afdelingsleider en nog een ander lid van de schoolleiding. In de bovenbouw havo/vwo is dat de decaan.
Als een leraar nou tijdens de vergadering toch langer over mij wil praten. Kan dat dan nog wel?
Ja. Als een leraar dat vraagt gebeurt dat ook.
Hoe gaat dat bespreken van een leerling?
Bij de leerlingen die er het gehele jaar goed voor stonden gaat het meestal vlot. Dat kan en moet ook, want de beperkte tijd is vooral nodig voor de leerlingen waar een beslissing moeilijker is. Maar ook hier kunnen docenten altijd iets over de leerling zeggen: een compliment bijvoorbeeld. Of een waarschuwing als ze twijfelen over inzicht of inzet voor hun eigen vak.
Eerst wordt aan elke docent gevraagd om de behaalde rapportresultaten van zijn vak toe te lichten:
- Hoeveel kennis, vaardigheden en inzicht heeft de leerling voor dat vak?
- Hoe zet de leerling zich in voor het vak? Dan hebben we het over studieaanpak, werkhouding, concentratie, planning, overzicht, of de leerling kritisch is op zijn eigen werk enzovoort
- Was daar een ontwikkeling in in de loop van het schooljaar?
Het gaat dus om de mix van "kennen, kunnen, willen en zijn". De belangrijkste vraag is of de leerling voldoende is toegerust om de volgende klas in een bepaalde afdeling (vmbo, havo of vwo) aan te kunnen. Elke docent doet hierover zijn woordje. Alle beschikbare informatie vanuit de vakken wordt op die manier bijeen gebracht. Daarna vertellen mentor en afdelingsleider alle aanvullende informatie die van belang is. Vervolgens is daarover discussie. Daarna wordt de beslissing genomen.
Wie neemt de definitieve beslissing?
De rapportvergadering. Dat wil zeggen: de aanwezige leraren brengen hun stem uit. Alleen met een meerderheid van stemmen kan er een beslissing genomen worden. Het is dus niet de mentor en ook niet de afdelingsleider die de overgangsbeslissing nemen.
Wat is een revisievergadering eigenlijk?
Tijdens de revisievergadering - een aantal dagen na de gewone rapportvergadering - komen alle docenten van de klas weer bijeen. Deze vergadering is een extra controle: Hebben we nou ècht zorgvuldig de beslissing genomen? Alle beslissingen die genomen zijn worden nog een keertje genoemd. Elke leraar van de klas kan een leerling opnieuw voordragen voor bespreking als hij of zij nieuwe informatie of nieuwe argumenten heeft om de vorige beslissing misschien te herzien.
Moet ik wachten totdat ik mijn rapport in handen heb voordat ik de beslissing weet?
Voor de meeste leerlingen is het na de toetsweek al duidelijk of ze over kunnen en op welk niveau. Maar als het bij jou "op het randje staat" wil je niet in spanning zitten of door het rapport verrast worden. Als het voor jou of je ouders een onverwachte of ongewenste beslissing is neemt je mentor na de revisievergadering contact met jou / je ouders op om je de uitslag te vertellen. Tussen de rapportvergadering en de revisievergadering hebben mentor en docenten geheimhoudingsplicht: De beslissing is immers nog niet definitief.
Wat gebeurt als ik of mijn ouders het niet eens zijn met de beslissing?
De school beslist. Je mag er van uit gaan dat de school zorgvuldig nagedacht heeft als het een moeilijke beslissing was en alle informatie van jou en van je ouders daar bij betrekt. Niemand is er bij gebaat als je bevorderd wordt naar een klas waar je vrijwel zeker zult "mislukken". Al onze inspanningen zijn er op gericht om je naar het hoogst haalbare niveau door te laten stromen.
* VRAGEN VAN LEERLINGEN *
Wordt er ook naar mijn mening of die van mijn ouders geluisterd?
Naar allebei. Als de mentor zijn werk goed gedaan heeft weet hij al wat je zelf het liefst zou willen, wat je ouders het liefste zouden willen. In de loop van het jaar word je daar naar gevraagd en ook je ouders kunnen natuurlijk altijd (tijdens tafeltjesavonden en de mentorcontactavond) informatie over jou doorgeven. De afdelingsleider en de mentor vertellen die meningen tijdens de rapportvergadering niet al in het begin van de discussie aan de docenten! Zij moeten namelijk eerst zo objectief mogelijk kijken naar wat je kunt en hoe je werkt voor hun vak. Daarbij moeten ze op dat moment niet beïnvloed worden door jouw verwachting of die van je ouders. Zij moeten ZELF zo neutraal mogelijk vertellen of jij voor hun vak goede kansen maakt in een bepaalde vervolgklas of niet. Daarna komen ALLE andere dingen aan bod die een rol spelen bij het maken van een zorgvuldige beslissing die verder kijkt dan de losse optelsom van vakken.
Volgens mij mag mijn leraar voor vak X mij helemaal niet. Straks gaat diegene in de vergadering nog tegen mij stemmen!
Leraren stemmen niet op grond van het feit of ze persoonlijk iemand toevallig aardig vinden of niet. Ze moeten juist bij de feiten blijven en hun persoonlijke mening over iemand daar buiten houden. Als het al voorkomt dan kan zo'n leraar dat in elk geval niet hardop zeggen, want daarmee zou hij of zij zichzelf belachelijk maken in de vergadering. Maar het geldt ook omgekeerd. Leraren die jou een bepaalde vervolgklas graag gunnen omdat ze jou zo aardig vinden, maar ondertussen wel weten dat je het niveau daar niet zou aankunnen, verzwijgen wat ze weten. Ze moeten juist neutraal en eerlijk zijn!
Ga je automatisch over als je een bepaalde overgangsnorm nèt haalt?
Ja, we hebben een "automatische bevorderingsnorm". Maarr.... het kan zijn dat de rapportvergadering je adviseert om heel goed na te denken over welke vervolgklas je gaat volgen. Als je bijvoorbeeld het nodige niveau nèt één keertje en met wat geluk weet te behalen is dat natuurlijk mooi, maar als dat met een jaar kei- en keihard werken gebeurde, is het verstandig om goed na te denken: Kan ik dat het volgende jaar, waar alles natuurlijk weer wat meer en moeilijker wordt ook volhouden? Je weet immers dat het dan in elk geval zwaar gaat worden. Kortom: Iets om even langer bij stil te staan, ook met je ouders. Doen alsof er niks aan de hand is, is dan niet verstandig.
Blijf je automatisch zitten of moet je naar een lager niveau als je onder de overgangsnorm zit?
Nee. We kijken naar mensen en niet alleen maar naar een rijtje cijfers. Zoals gezegd: In zo'n geval wordt alle informatie zorgvuldig bijeen gebracht. De vergadering zal in elk geval kijken hoe ver je onder die norm zit en waar het mee te maken heeft:
- Hoe groot eventuele achterstanden in kennis, inzicht en vaardigheden zijn.
- Hoe ze ontstaan zijn. Wat je daar wel of niet aan kon of kunt doen.
- Hoe je er zelf tegenaan keek toen de problemen zich voordeden. Of je open stond voor adviezen en daar iets mee wilde doen.
- Of je in de loop van het jaar anders bent gaan werken.
- Of er omstandigheden waren - thuis of persoonijk - waardoor je redelijkerwijs niet in staat was om het gewenste resultaat te halen.
Dat is vaak best lastig omdat je op jouw leeftijd nog heel veel verandert. En de ene leerling is de ander niet: Een leerling die heel lui is maar wel slim en niets aan die werkhouding doet is een heel ander "geval" dan een leerling die keihard werkt maar het vereiste niveau niet haalt. De docenten proberen op grond van de resultaten voor de toetsen en ervaring in te schatten welke vervolgklas succesvol kan zijn voor jou.
Ik zit nu in 2HA. Ik mag naar 3VM, maar ik wil veel liever naar 3H of 3V. Maar daarvoor heb ik te lage cijfers. Ik blijf dan liever zitten en doe deze klas over. Mag dat?
Dat mag. Maar blijven zitten heeft een groter risico dan vroeger. Je moet er samen met je ouders heel goed over nadenken. Je mag namelijk van het ministerie van onderwijs over de eerste drie jaar van de middelbare school maar vier jaar doen. Kortom: Als je één keer bent blijven zitten in de tweede, mag er in de tweede en later in de derde niks meer mis gaan. Dus als je volgend jaar of het jaar daarop dan lange tijd ziek wordt, moet je van school af als je dat jaar niet haalt. Het is daarom vaak beter om desnoods een niveau lager verder te gaan, maar wel over te gaan. Na 4VM kun je onder bepaalde voorwaarden overstappen naar 4H, na 5H onder bepaalde voorwaarden naar 5V. Kortom: Na afloop zijn er nog allerlei mogelijkheden.
Maar als je dit jaar door ziekte of door tijdelijke persoonlijke omstandigheden niet voldoet aan de overgangsnorm en de docenten denken dat je niveau niet het probleem is, kun je overwegen om wel te blijven zitten. De kans is groot dat de school je dat dan ook adviseert.
Mijn vrienden/vriendinnen gaan allemaal naar klas X. Daarom wil ik ook zo graag in die klas komen.
Je hebt niet altijd hetzelfde niveau (kennis, vaardigheden en inzicht) als je vrienden/vriendinnen. Ook al zou je dat zo mooi uitkomen, want dan zou je in dezelfde vervolgklas verder kunnen. Je moet je "eigen weg gaan", jouw mogelijkheden benutten. En als het echte vrienden zijn... zie je ze nog vaak genoeg!
Ik zit nu in klas 2H/A. Kan ik het volgend jaar ook in 3VWO even proberen en dan - als het niet mocht lukken - in 3HAVO verder gaan in dat jaar?
Nee. Aan het einde van klas 2H/A moeten we de beslissing nemen naar welk definitief schooltype je bevorderd wordt. Wel kun je - mocht het in 3V niet goed gaan - desnoods na afloop (!) van dat schooljaar overstappen naar 4H. Een overstap van 3H naar 4VMBO-t is niet mogelijk.
Ik zit in klas 3H of 3V. Ik heb eigenlijk te veel onvoldoendes om over te gaan. Maar vooral in de vakken die ik toch niet kies volgend jaar in de bovenbouw. Dan tellen die onvoldoendes toch niet zo zwaar?
Bij de bevordering wordt nadrukkelijk gekeken naar hoe je de gehele stof van het derde jaar hebt verwerkt. Van alle vakken dus. Elk cijfer telt even zwaar.
Wanneer krijg je een taak?
Een taak is een verplichte opdracht die je in staat moet stellen om beter voorbereid aan het volgende schooljaar te beginnen. Leerlingen die achterstanden hebben of extra oefening nodig hebben kunnen een taak krijgen. Als je een taak krijgt, dan ontvang je die samen met je rapport. De eerste dag na de vakantie moet je op school zijn om daar je taak in te leveren of de bijbehorende toets te maken.